Hij zei tegen mij: “Wat ben jij een icequeen, brrr ik heb zelden iemand zo koud zien doen. Kun je iets van empathie tonen?”
Zes jaar terug tijdens mijn scheiding zei mijn maatschappelijk werker dit tegen mij.
Hij had gelijk, maar het raakte me diep.
Empathie was voor mij een heilig woord.
Sinds ik jong was voelde ik al wat anderen voelden.
Het was alsof mijn hele systeem stond afgestemd op de binnenwereld van de ander.
Als ik merkte dat anderen dat niet voelden, voelde ik plaatsvervangende schaamte.
Hoe konden zij het niet zien? Hoe konden zij zomaar voorbij gaan aan gevoelens van anderen?
Maar zelf kon ik er ook niet mee omgaan.
Ik had geen idee hoe ik al die gevoelens een plek moest geven.
Ze kwamen als een golf mijn systeem binnen en ik had geen begrenzing om te voelen wat van mij was en wat van de ander.
Later zag ik het als een kracht.
Invoelend vermogen.
Altijd rekening houden met de ander.
Dus dat hij mij opriep empathisch te zijn was een steek, maar ik heb hem later bedankt.
Hij kwam door mijn muur, en dat was nodig.
Want nu kijk ik anders naar het begrip empathie.
Alhoewel het een mooie eigenschap is, zit er een valkuil aan met vaak een verhaal.
Een verhaal die ik zelf ook jaren lang verkocht, waarin gevoeligheid mijn grootste kracht was, maar waar ik uiteindelijk zelf zo moe van werd dat ik het niet verder wilde schrijven.
Want wat ik niet zag is dat er ook ongezonde empathie bestaat.
Empathie zonder begrenzing.
Empathie die je laat zorgen voor alles en iedereen, behalve jezelf.
En ongezonde empathie is vaak precies het haakje waarop mensen met een diepe innerlijke leegte zich vastgrijpen.
Die met de diepe leegte vult die leegte door energie bij de ander (de empaat) te halen.
De ander (de empaat) leeft ook vanuit een wond, maar vult die door voor die met de leegte te zorgen, zichzelf weg te cijferen, gezien te worden door te geven.
Beiden zoeken bevestiging buiten zichzelf, beiden uit contact met hun kern, beiden hebben een masker ontwikkeld.
De één het masker van ‘ik weet het beter, ik sta boven jou’.
De ander het masker van ‘ik ben hier voor jou, als jij maar gelukkig bent’.
Ik heb dat dansje jarenlang gedanst.
Ik voelde me een slachtoffer, maar daarmee ontnam ik mezelf mijn kracht.
Beide zijn namelijk slachtoffers.
Ik begon het patroon te doorzien en zag dat empathie niet zuiver is zolang je jezelf erin verliest.
Empathie zonder grenzen is een overlevingsmechanisme in een mooie verpakking.
Toen ik begon te leren om liefde in mezelf te voelen zonder hem te moeten verdienen, verschoof alles.
De dynamiek stopte.
Gezonde empathie is verbonden, maar niet afhankelijk.
Je voelt mee, zonder jezelf te verliezen.
Je kunt aanwezig blijven bij de pijn of het verhaal van de ander, zonder het over te nemen of op te lossen.
Gezonde empathie stroomt van binnenuit.
Niet vanuit de behoefte om gezien te worden als ‘goed’ of ‘lief’, maar vanuit een plek van innerlijke stevigheid.
Je weet waar jij ophoudt en de ander begint.
Je voelt zonder op te lossen.
Je blijft trouw aan jouw eigen energie, ook als de ander je daarin uitdaagt.
Gezonde empathie nodigt uit tot echte verbinding, zonder dat je jezelf hoeft te verlaten.

