Ik heb het regelmatig gehoord: “Ja maar jij hebt makkelijk praten.”
“Je hebt een groot huis.”
“Je hebt een goed salaris.”
“Je voelt je fit.”
En ja, dat is waar.
En weet je wat ook waar is?
Dat ik aardig wat op het lijstje van ‘pittige levenssituaties’ kan afvinken.
Dat ik had kunnen blijven hangen in een verhaal.
Dat ik had kunnen blijven vechten, vluchten, bevriezen en pleasen.
En dat heb ik ook een tijd gedaan.
Tot ik op het toneel van mijn leven ineens door het decor heen keek.
En ik realiseerde me dat ik niet het decor ben, maar eerder de regisseur, hoofdrolspeler en dat wat het theater ziet.
Mijn levenssituatie is niet mijn leven.
Ik ben het leven.
De situaties zijn decors om ons heen, die steeds veranderen bij een nieuw hoofdstuk.
De levenssituatie kan pittig zijn en het decor intens.
Maar jij bepaalt welke rol je speelt, dat wordt niet bepaald door het decor.
En in ieder nieuw hoofdstuk komt er iets nieuws op je pad.
Een verleiding of een illusie.
Iets dat je probeert terug te trekken in je oude verhaal.
Groei is geen rechte lijn omhoog.
Het is een spiraal die je telkens terugbrengt naar jezelf.
Elke laag van groei daagt je opnieuw uit.
Je denkt, ik ben er.
Ik heb het doorzien.
En precies in die helderheid opent zich een nieuwe laag.
Als uitnodiging, om trouw te blijven aan je waarheid, ook als het spannend is.
Ook als het oude leven even aan je trekt.
Als oude kostuums die veilig en bekend voelen.
Het leven nodigt je uit om steeds weer te kiezen.
Voor aanwezigheid, voor waarheid, voor jezelf.
Om steeds dieper te herinneren wie je werkelijk bent, en van daaruit te leven.
En weet je wat dan gebeurt?
Dan beweegt het decor mee met jouw waarheid.
De levenssituaties zijn niet verdwenen.
Sommige zijn zelfs ‘pittiger’ dan vroeger.
Maar ik sta er niet meer op dezelfde manier in.
Het verschil zit niet in het decor, maar in wie ik ben te midden van dat decor.
Als je niet langer vecht met wat buiten je ligt, kun je leven vanuit wat je diep van binnen al weet.

