Tijdens mijn scheiding wilde ik met de kinderen in dit huis blijven.
Dat kon als ik fulltime zou werken.
Dus de doorzetter in mij regelde binnen 2 weken een extra baan als projectleider.
Niet eerder gedaan, maar ik ging er vol voor.
Een jaar later kreeg ik verlenging aangeboden, maar inmiddels kwam ook plek vrij op mijn eigen afdeling.
Ik koos voor ‘meer rust’, fulltime op één plek. En toen kwam alles binnen.
Het jaar waarin ik 2 banen combineerde, waarin ik overpresteerde om het geld waard te zijn, waarin ik knokte voor mijn scheiding, waarin ik mijn dochters probeerde op te vangen in een leven dat zelf op instorten stond.
Voor de buitenwereld leek het alsof ik het goed had geregeld. Maar ik voelde me steeds leger.
En zolang ik functioneerde, negeerde ik het. Want ik moest volhouden.
Mijn hoofd had 50 tabjes tegelijk open en ik kon niet meer landen.
Met trillende lipjes zat ik tegenover de bedrijfsarts, die zei dat dit een burn-out was.
Mijn lijf had de stekker eruit getrokken.
Ik vond het maar niks, maar achteraf zag ik dat het gebeurde zodat ik me mocht bevrijden van de doorzetter in mij.
Want die doorzetter liet geen ruimte voor voelen, voor het ontwikkelen van de intuïtieve kant in mij.
Er was geen tijd om te lezen en te dwalen.
Die doorzetter hield mij op de been, maar hield me ook weg bij mezelf.
Want met de burn-out kwam er ruimte voor dat deel van mij.
Dat dieper weet, dat dieper voelt en dat dieper leeft.
En het bracht me zoveel meer dan ik had kunnen voorstellen.
Ochtenden waarin ik het opkomen van mijn gedachten mocht aanschouwen.
Rust in mijn hoofd.
Energie voor wat echt belangrijk is. Voor waar ik elke dag voor wil opstaan. Met vreugde en met een brandend vuur.
Steeds dieper voelen en een verbondenheid op een laag die ik niet kende.
En ik wist toen al dat dit nog maar het begin is.
Want als je thuiskomt in jezelf, wil je nooit meer terug naar wie je dacht dat je moest zijn.

